Naar boven ↑

PR Updates biedt actuele rechtspraak over het pensioenrecht. De samenvattingen worden wekelijks bijgewerkt en voorzien van links naar rechtspraak.nl. Met de gratis maandelijkse nieuwsbrief blijft u volledig op de hoogte. Met een abonnement kunt u alle samenvattingen doorzoeken en lezen op PR Updates.

932 resultaten

Rechtspraak

PR 2022-0068

Vordering tot bijstorting in toeslagdepot voor indexatie afgewezen

Kern van het geschil is of de ex-werkgever aan zijn inspanningsverplichting tot indexatie heeft voldaan na beëindiging van de toeslagregeling. Partijen zijn het erover eens dat eiser sub 1 c.s. aan de Wachtgeldregeling, de Toeslagregeling en het Pensioenreglement geen onvoorwaardelijk recht kan ontlenen op indexatie van zijn pensioen en dat deze regelingen gedaagde ook niet de verplichting opleggen om aanvullende stortingen te doen in het uitkeringsdepot om indexatie van de pensioenen mogelijk te maken. Het geschil tussen partijen spitst zich toe op de vraag of op gedaagde uit hoofde van goed werkgeverschap desalniettemin een inspanningsverplichting rust om indexatie mogelijk te maken en of gedaagde zich voldoende van deze inspanningsverplichting heeft gekweten. De rechtbank oordeelt dat kan worden toegegeven dat de werkgever rekening heeft te houden met de bestaande regeling in de I&A Zvw die erop neerkomt dat na afwikkeling van de Wachtgeldregeling het resterend saldo naar de Staat terug moet vloeien. Daarom lag het voor de hand dat het bestuur van gedaagde contact had opgenomen met de Staat om na te gaan of de Staat enige oplossing in de sfeer van het indexatieperspectief zou kunnen ondersteunen. Gedaagde heeft dit na de mondelinge behandeling alsnog gedaan. De Staat heeft daarmee niet ingestemd. Dat is niet onredelijk. De rechtbank overweegt dat de voormalige werknemers van gedaagde - waaronder eiser sub 1 c.s. - ten opzichte van de meeste andere Nederlandse werknemers al in een zeer gunstige positie verkeren, onder meer doordat op hen een eindloonregeling van toepassing is in plaats van een middelloonregeling, zij na de beëindiging van hun dienstverband nog pensioen hebben opgebouwd en zij door die voortgezette pensioenopbouw vanaf het einde van hun dienstverband tot hun pensionering als gevolg van het zogenoemde backservice element in de eindloonregeling de facto indexaties hebben gehad. Hun pensioenen zijn hierdoor vanaf 2009 steeds verhoogd, terwijl de gemiddelde Nederlander zijn pensioen vanaf 2009 alleen maar in relatieve waarde zag dalen. De vordering tot afstorting, althans schadevergoeding wordt afgewezen.
Rechtbank Midden-Nederland, 02-03-2022