Verzet tegen dwangbevel bedrijfstakpensioenfonds: Bpf moet bewijzen welk bedrag verschuldigd is
Bedrijfstakpensioenfonds Vervoer heeft dwangbevel betekend aan eigenaar eenmanszaak in transportsector. Eigenaar is in verzet gekomen. Kantonrechter heeft dwangbevel buiten werking gesteld. Hof heeft in tussenarrest overwogen dat bewijslast verschuldigdheid bedragen rust op het bedrijfstakpensioenfonds. Het hof komt, op basis van alle voorhanden bewijsmiddelen, tot het oordeel dat Bpf Vervoer is geslaagd in de bewijslevering voor wat betreft [persoon A], [persoon B] en [persoon D]. Voor wat betreft [persoon C] is Bpf Vervoer niet geslaagd in de bewijslevering. Het hof is van oordeel dat het dwangbevel deels niet juist is (voor zover het betrekking heeft op [persoon C], [persoon E], [persoon F], [X], [persoon G] en [persoon H]). Dat leidt ertoe dat de kantonrechter naar het oordeel van het hof het dwangbevel terecht buiten effect heeft gesteld. Het hof is voorts van oordeel dat er geen rechtsgeldige titel was voor de door Bpf Vervoer getroffen executiemaatregelen. Bpf Vervoer is verplicht de geëxecuteerde bedragen aan X terug te betalen. Bpf moet akte nemen welk bedrag per werknemer verschuldigd is.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch (Locatie 's-Hertogenbosch), 28-10-2025