Naar boven ↑

Update

Nummer 2, 2026
Uitspraken van 17 maart 2026 tot 31 maart 2026
Redactie: Prof. mr. drs. M. Heemskerk.

Beste lezers,

Welkom bij Pensioenrecht Updates, jaargang 9, editie 2. Daarin vindt u een overzicht van 25 in februari 2026 gepubliceerde uitspraken over pensioen. U kunt hier klikken om de pdf vanaf de website te downloaden.

Pensioenrechtspraak voor u geselecteerd
In de Pensioenrecht Updates vindt u een selectie van de belangrijkste rechtspraak over de arbeidsvoorwaarde pensioen. Op die manier bent u altijd op de hoogte van relevante rechtspraak over pensioen.

Uitspraken van de maand

Beëindiging indexatie is in strijd met goed werkgeverschap, PR 2026-0069
Het gaat in deze zaak om de vraag of een werkgever heeft gehandeld in strijd met de pensioenovereenkomst door de indexeringsregeling die daarvan deel uitmaakte stop te zetten. Het hof verklaart voor recht dat Oskam jegens de gepensioneerden niet gerechtigd was om in 2022 de indexeringsregeling zoals opgenomen in het pensioenreglement eenzijdig te beëindigen. De werkgever is op grond van de pensioenovereenkomst en het nawerkend goed werkgeverschap ex artikel 7:611 BW gehouden om de pensioenaanspraken van de pensioengerechtigden te indexeren overeenkomstig de indexaties die Bpf Bouw toekent aan haar slapers en gepensioneerden (ECLI:NL:GHARL:2026:771).

Manege die naast paardrijlessen zorgactiviteiten verricht, valt onder verplichtstelling PFZW, PR 2026-0073
Geschil over de vraag of een zorgmanege onder de werkingssfeer van PFZW valt. De activiteiten bestaan hoofdzakelijk uit paardrijlessen. Vanaf 2021 is er kleinschalige dagbesteding voor mensen met een zorgvraag. Werkgeefster verleent volgens de kantonrechter zorg in de vorm van begeleiding gefinancierd uit de Wmo en Wlz. Dat haar activiteiten hoofdzakelijk uit rijlessen bestaan, doet niet ter zake: voor deze categorie geldt geen hoofdzakelijkheidscriterium. Het beroep op de ggz-uitzondering slaagt evenmin, nu werkgeefster niet heeft betwist dat deze uitzondering uitsluitend ziet op zorg door psychologen en psychotherapeuten (ECLI:NL:RBMNE:2026:371).

Beleggingsrisico tijdens periode waardeoverdracht rust op pensioenconsument, PR 2026-0087
De consument was ontevreden over de uitvoering van de waardeoverdracht. In de korte periode dat deze plaatsvond, is de waarde van de beleggingen door de ontwikkelingen op de beurs fors gedaald (12%). De consument stelt de pensioenuitvoerder hiervoor aansprakelijk omdat deze daarop niet adequaat heeft gehandeld. KIFID begrijpt de teleurstelling van de consument dat de ontwikkelingen op de beurs gedurende deze korte periode een relatief grote impact hebben gehad op de waarde die aan de andere pensioenuitvoerder is overgedragen, maar dit was vooraf niet te voorzien en kan bovendien niet voor rekening van de pensioenuitvoerder komen. Het beleggingsrisico rust gedurende de gehele periode die een waardeoverdracht in beslag neemt op de consument. De vordering wordt afgewezen (KIFID 2026-0107).

Uitspraken, vragen of opmerkingen zijn welkom
De redactie ontvangt graag niet op rechtspraak.nl gepubliceerde uitspraken en vragen of opmerkingen over deze nieuwsbrief. U kunt mailen naar klantenservice@boom.nl.

Tot de volgende update.

Mark Heemskerk

Hoogleraar pensioenrecht Radboud Universiteit Nijmegen
Advocaat-partner held (www.heldlaw.nl)
e-mail: mark@heldlaw.nl / m.heemskerk@jur.ru.nl

Hof

Rechtbank

Antillen

Uitspraken zonder ECLI